Afspinnen

AFSPINNEN

Dit ambachtswoordje blijkt onlosmakelijk verbonden met dr. Lambert Allard te Winkel (1809 - 1868), een Nederlands taalkundige, die zijn uitzonderlijke talenknobbel de laatste jaren van zijn leven geheel in al wijdde aan het WNT. Nee, niet de Wet Normering Topinkomens - dat kwam pas zo'n anderhalve eeuw later aan de orde. Hoewel de betekenis van "afspinnen" vanwege dit alsmaar groeiende bevolkingsgroepje wellicht een extra sub-lading zou... Ach, wie weet, ooit.

Het Woordenboek der Nederlandse Taal beschrijft verdeeld over 43 banden de betekenis van circa 400 duizend trefwoorden uit het "geschreven Nederlands" door vijf eeuwen heen. Afgelopen maand twintig jaar geleden, 16 juni 1998, verscheen de allerlaatste aflevering. Op drie banden met moderne aanvullingen in 2001 na, bleef de teller steken bij circa 40 miljoen woorden, waaronder zo'n 1,7 miljoen citaten van onder meer vaderlandse literaire groothelden.

Vanaf 1851 is door vijf generaties taalpuristen aan de woordengigant gewerkt. Grondlegger Matthias de Vries stond aanvankelijk een eigentijds negentiende-eeuws woordenboek voor ogen. Doelstelling: "bijdragen aan versterking, verfrissing en het zuiver houden van de taal". De vier redacties ná De Vries en Te Winkel maakten er een historisch naslagwerk van.

Gesteggel destijds over juiste schrijfwijzen leidde tot een spellingsontwerp dat uiteindelijk door onze dr. L. A. Te Winkel te boek werd gesteld in taalkundige werken. Zijn spellingssysteem - waaronder 't kofschip - bleek behalve in het onderwijs ook handig als leidraad voor het WNT. Tevens is het de grondslag voor onze huidige spelling, de zogeheten "spelling De Vries en Te Winkel".

Na jarenlange voorbereidingen werkte Te Winkel mee aan de eerste tien afleveringen van het WNT. Om taalverbastering bij de industriële en technologische ontwikkeling een halt toe te roepen, beschreef hij voornamelijk oer-Hollandse vaktermen, dus niet de Engelse tegenhangers ervan.

De laatste waarin hij zich verdiepte, was "afspinnen". Halverwege een artikel over dit woord stierf hij op 59 jarige leeftijd aan een acute hartkwaal.

Of hij zijn dood voelde naderen? Zijn half voltooide sub-beschrijving doet het in elk geval vermoeden: "Zijn levensdraad is afgesponnen; zijn einde is daar; hij gaat sterven."

Een andere sub-betekenis in het WNT luidt: "Af, in den zin van ten einde toe: Het geheel volbrengen, voltooien, zóó dat alle onderdelen afgewerkt en in onderling verband tot een samenhangend geheel, als één weefsel, bewerkt zijn."

Dit kennen wij, schrijvers, maar al te goed. Immers, blijven wij niet herschrijven, schrappen en schaven tot bovenstaand resultaat?

Over Te Winkel schreef De Vries in de enige voetnoot die het mammoetboek telt. (...) "Maar hèm mogen wij gelukkig roemen, die in zijn leven eene schoone taak heeft afgesponnen, waarvoor Nederland, zoolang het prijs stelt op de taal der Vaderen, zijnen naam in eere zal houden."

Ineke van Stempvoort | Reporter GP